Rome. Met deze stad hebben we cruisegewijs nog een rekening openstaan.
Twee jaar geleden stond Rome ook al op het programma tijdens onze eerste cruise samen. Alles was netjes gepland: van de treinverbinding tot de timing ter plaatse. Het soort dag waarop je denkt dat het moeilijk mis kan gaan. Tot een tragisch ongeval er toen anders over besliste en nog voor we goed en wel richting Rome konden vertrekken, het plan volledig in duigen liet vallen. We maakten toen van de nood een deugd en begonnen dan maar wat vroeger aan de apero.
Vandaag dus poging 2. We nemen de shuttle van de haven naar het treinstation van Civitavecchia. Op aanraden van ChatGPT koop ik BIRG-tickets voor iedereen: een dagpas van 14 euro per persoon waarmee je onbeperkt gebruik kan maken van de trein en de metro. Ideaal om naar Rome te reizen en de stad te verkennen zonder ter plaatse nog te moeten puzzelen met allerhande tickets.
Ook de dagplanning is vooraf uitgestippeld met behulp van Chat GPT – je vraagt je af hoe we ooit hebben kunnen leven zonder AI. We starten bij het Vaticaan, richting Sint-Pietersplein, voor een bezoek aan de basiliek en trekken daarna verder de stad in.
Net voor we de trein opstappen, geef ik nog snel aan iedereen mee dat we moeten afstappen in treinstation Roma Termini. Er staat heel wat volk op het perron en de kans dat we samen kunnen zitten is klein. De trein zit bij aankomst ook al behoorlijk vol, waardoor we verspreid moeten zitten over verschillende wagons.
Onderweg stuurt Belinda mij plots een bericht: beter een halte vroeger afstappen, bij San Pietro. Dan kunnen we naar het Sint-Pietersplein wandelen.
Klinkt als een uitstekend plan nu het zo’n mooi weer is. Nu alleen nog iedereen op de hoogte brengen.
Ik stuur een bericht in de gezins-WhatsApp: change of plan, uitstappen in San Pietro, graag bevestigen met een duimpje.
Er volgen… twee duimpjes. En de rest? Radiostilte.
Bellen lukt niet op de trein. Oldschool sms’en ook niet. De trein zit ondertussen zo vol dat zelfs een poging om fysiek naar de andere wagon te wandelen minstens drie weken duurt. We zitten vast. Letterlijk en figuurlijk.
Na een goed uur komen we aan in San Pietro. We stappen af. Maar is iedereen er bij?
Mijn kids zijn niet te zien. Net op het moment dat de deuren terug dicht gaan, verschijnen ze op het perron. De kudde is terug volledig.
We wandelen richting het Sint-Pietersplein. Eerste stop van vandaag: een bezoekje aan de basiliek. Ik had vooraf gekeken naar fastlane-tickets, die kun je ter plaatse digitaal kopen. Maar zelfs die ‘snelle rij’ blijkt honderden meters lang. Wat op zich nog meevalt… tot je de gewone wachtrij ziet, die zich als een menselijke slang rond het volledige plein kronkelt, netjes langs de zuilengaanderij van Bernini.
En op dat moment valt mijn euro. Dit plein is niet toevallig zo groot. Dit ligt hier niet zomaar. Het is gebouwd om massa’s mensen te herbergen. Mensen die wachten…
Op de verlosser.
Op witte rook.
Of op een bezoekje aan de basiliek.
Aangezien alleen Robbe echt zin heeft om aan te schuiven, en er in ons gezin binnen aanvaardbare grenzen toch nog een zekere vorm van democratie bestaat, beslissen we om het bezoek aan de basiliek over te slaan.
We wandelen verder langs de Engelenburcht, via de Piazza Navona richting de Campo de’ Fiori, waar het steeds drukker wordt. De markt draait er op volle toeren en overal zie je kraampjes met lokale producten.



Het is nog geen middag, maar we besluiten toch al te lunchen.
We belanden bij Baccanale, een klein restaurantje, en gaan voluit.
Ik kies voor een risotto met zeevruchten. En dat blijkt een uitstekende beslissing: perfect op smaak, licht pittig, rijk gevuld en vooral… een portie waar je effectief iets mee bent. De pizza’s van Belinda en de kinderen zijn groots en gaan vrolijk de tafel rond om van alles te kunnen proeven.
En Finn? Die eet lasagne. What else?


Na de lunch wandelen we richting het Pantheon. Daar is het druk. Niet ‘een beetje druk’, maar ‘je vraagt je af waar al die mensen vandaan blijven komen’-druk. Snel een foto en verder door richting de Trevifontein via smalle straatjes vol winkeltjes waar je voor 1 euro een gipsen miniatuurversie van het Sint-Pietersplein kunt kopen, en ook petjes met ‘Roma’ op, plastic gladiatorenwapentuig, schreeuwlelijke koelkastmagneten, sleutelhangers met een afbeelding van de vorige paus (die vrolijke) en andere onmisbare prullaria.
Het soort spullen waarvan je op het moment zelf denkt: dit moet ik hebben of dit ga ik cadeau geven aan die of die.
Om je vervolgens een paar dagen later af te vragen wat je er in hemelsnaam mee gaat doen en of ‘die of die’ er wel blij mee gaat zijn. Thuis krijgt het meestal een vaste plek ergens onderaan in een schuif, ergens tussen oude batterijen en kabels waarvan niemand nog weet waarvoor ze dienen.
Maar op dat moment, in die straatjes, voelt het allemaal perfect logisch om geld uit te geven aan brol. We laten ons echter niet verleiden.
Aan de Trevifontein is het nog drukker. Het is de ideale plek om een huwelijksaanzoek te doen. In de korte tijd dat wij er staan, zien we vier mannen op één knie gaan, telkens omringd door een kring van nieuwsgierige toeschouwers die er gratis en voor niets een stukje romantiek bij krijgen.
Applaus volgt vanzelf. Ik vraag me dan steeds af of zo’n aanzoek altijd vooraf gepland is of een gevolg is van impulsiviteit, van het moment en de sfeer van het romantische Roma – de naam moet ergens van komen. Want een gipsen Sint-Pietersplein van 1 euro kan in de schuif belanden na een tijd. Bij een partner die enthousiast ‘ja’ riep voor een half stadion kijklustigen en hierbij meer dan een traantje wegpinkte, ligt dat iets moeilijker.
Iets verder bereiken we de laatste stop van onze citytrip Rome: de Spaanse Trappen.
Een brede, elegante trap die de Piazza di Spagna verbindt met de kerk bovenaan. Hij werd gebouwd om die twee mooi met elkaar te verbinden, maar is vandaag vooral bekend als een plek waar mensen op trappen zitten en poseren. En dat is het zo wel ongeveer …
Het is er gezellig druk. Iedereen lijkt hier even halt te houden: selfie nemen, even uitblazen, kijken naar anderen die hetzelfde doen. Maar al vrij snel ontstaat er een zeldzame unanimiteit binnen het gezin: dit is zonder twijfel de meest overroepen bezienswaardigheid van Rome. Geen discussie.
We blijven nog even staan, kijken rond en vragen ons stilletjes af of we iets gemist hebben. Blijkbaar niet.





We besluiten dat dit niet meteen het hoogtepunt van de dag was en zetten koers richting metrostation Spagna. Van daaruit rijden we richting Roma Termini, om daar de boemeltrein terug naar Civitavecchia te nemen. De boot wacht niet.
Na een snelle opfrisbeurt trekken we richting Hola Tacos & Cantina, een themarestaurant waar we vanavond een reservering hebben. Niet toevallig, want Robbe is jarig en wordt 23 — een gelegenheid die vraagt om iets meer dan het standaard à la cartemenu.
Het concept is duidelijk voor vanavond: Mexicaanse gerechten om te delen, een uitgebreide kaart en voldoende rode wijn om elke beslissing achteraf te verantwoorden.
We bestellen breed. Gerechten komen op tafel, worden gedeeld, verwisseld en opnieuw geproefd. Het geheel verloopt in een aangenaam tempo, de sfeer zit goed en de bediening is ontspannen en vriendelijk.
Onze ober, een jonge gast uit Mauritius, maakt daarbij zo’n ontspannen en huiselijke indruk dat hij na verloop van tijd spontaan in de categorie ‘potentiële schoonzoon’ wordt geplaatst. Je moet altijd vooruit denken in het leven.





Net wanneer we dessert willen bestellen, komt het personeel plots zingend onze richting uit, met een verjaardagstaart in de hand. We hebben dat al vaker gezien, vanop afstand, waarbij je beleefd mee applaudisseert voor iemand anders. Maar wanneer ze voor jouw tafel stoppen, voelt het toch net iets anders. Robbe laat het zichtbaar gebeuren. En geniet.
De avond eindigt opnieuw in het panoramatheater. Eerst is er een live discoband die ons zonder pardon terugkatapulteert naar de gloriedagen van de funk en de disco. Daarna neemt een dj het over en gooit hij alle registers open.
De dansvloer staat in geen tijd vol. Ik kijk toe vanop veilige afstand, comfortabel in mijn zeteltje met een glas bubbels ernaast. Dansen is niet echt aan mij besteed, vooral de danslessen van mijn L.O.-leerkracht Toine De Haes in het tweede middelbaar zinderen nog na. Een half trimester is de mens bezig geweest om me de Hucklebuck en de In Zaïre aan te leren. Ik was de enige die na al die lessen nog steeds stond te klungelen op de turnmat. Als het op dansen aankomt, kan ik links niet van rechts onderscheiden.
Om de sfeer er goed in te krijgen, heeft MSC een soort Average Rob gecast voor dit event in het panoramatheater — zo’n type dat zonder gêne op een podium van één vierkante meter springt en iedereen meesleurt in zijn enthousiasme. Achter hem staan twee dames in dezelfde outfit die zijn bewegingen perfect nadoen, ook elk op een vierkante meter.
Het geheel doet sterk denken aan Het Swingpaleis. Iedereen wordt aangespoord om mee te doen, want ook in de zaal zijn er nog een tiental dansers mee aan het dansen, allemaal in dezelfde outfit. Alles wat Average doet, doen zij na.
En dat werkt. Na een tijdje staat werkelijk iedereen op de dansvloer dezelfde pasjes te doen. Eén groot synchroon gebeuren.
En dan weet je: als daar één Charel tussen staat die links en rechts niet uit elkaar kan houden, dan valt dat op. Heel hard.
Dus nee. Ik kijk wel.

(maandag 13 april 2026)
Plaats een reactie