“Ik wil jouw wijn in mijn restaurant. Hier, kun je deze 4000 flessen even voor me vullen?”

De reden waarom we tijdens onze wijntrips steeds voor een B&B kiezen, is het feit dat er 2 B’s in zitten: Bed én Breakfast.

Dat onze B&B een 9,4 op 10 heeft bij Booking.com en een 5 op 5 bij Tripadvisor wijst erop dat de gasten die ons zijn voorgegaan niet veel belang hechten aan het ontbijt of met zeer weinig tevreden zijn.

We krijgen het minimum minimorum als ontbijt: een getoast Frans brood, wat er in de ochtend op wijst dat het waarschijnlijk niet vers is, een croissant en confituur.

Ook al behoren croissants tot de Franse ontbijtcultuur, mij maak je niet blij met deze vette maantjes vol gebakken lucht. Ik doneer mijn croissant daarom aan Belinda. Blijft over: getoast brood en confituur.

Confituur vind ik alleen lekker als het in een klein potje op een kaasplank staat, en dan nog blijf ik er meestal van af omdat ik geen fan ben van zoet.

Blijft over: getoast brood.

In arren moede smeer ik een laagje boter op het getoaste brood. Ik waan me op het hongermaal dat we destijds op Sint-Jan een keer per jaar deden ten voordele van Broederlijk Delen: veel betalen voor een sneetje brood en aan den lijve ervaren wat het is om weinig te hebben.

Mooi als pedagogisch projectje, maar toch net iets anders dan wat ik in gedachte heb als ik op reis ga.

Gelukkig kunnen we vandaag ons hart ophalen bij de lokale wijnboeren en we beginnen er reeds vroeg aan. Deze voormiddag staat Château Viella op het programma.

We worden ontvangen door een jongedame met mondmasker. Ze geeft ons een plek aan een grote glazen tafel in de wijnproefruimte. We gaan dus proeven zoals dat gebeurt in de Champagne: al zittend. Hierdoor verloopt een proeverij veel gemoedelijker, en al zeker wanneer de Champagneboeren of -boerinnen er gezellig bij komen zitten en mee slurpen van hun godendrank. De juffrouw houdt een zekere afstand en blijft gedurende de volledige degustatie recht staan. Ze zet alvast een aantal flessen op tafel.

Aan de muur hangen foto’s van de verbouwingen van het kasteel dat op de etiketten prijkt. Het kasteel werd zo’n 25 jaar voor de Franse Revolutie losbrak gebouwd in opdracht van de markies van Veilla. Tussen 2003 en 2005 werd het zeer grondig onder handen genomen. En dat mocht ook wel, want het was lelijk in verval geraakt.

De verbouwingen gebeurden met dezelfde bouwtechnieken die in de achttiende eeuw gangbaar waren. Op het gelijkvloers werd een rijpingskelder gemaakt voor de Madiran-vaten, met een constante temperatuur en vochtigheid. De zalen op de eerste verdieping zijn bedoeld voor recepties en andere activiteiten die bijna altijd in het teken staan van wijn.

We proeven het volledige gamma en noteren nauwgezet onze proefindrukken. Stilaan begrijpen we waarom die dame gisteren bij Clos Basté zo ijverig aan het schrijven was. Elke wijn heeft zijn eigen moment om van te genieten. De tradition 2019 van 6,5 euro, een mengeling van tannat en cabernet franc, is ideaal als apero en mag zelfs een beetje gekoeld worden. De prestige van 2018, die dubbel zoveel kost als de tradition, en de Symbiose 2018 moet je echt bij een rijkelijk diner drinken en dan nog liefst naast een stevig gerecht. We nemen ook een flesje Eminence 2020 mee. Het is een blend van Gros en Petit Manseng, wat hem een zoete, honingachtige smaak geeft. Ideaal voor bij een kaasplankje, dus. Je mag de confituur in dat geval weglaten, dat zullen zelfs confituurfans beamen.

Ondanks onze, opnieuw, bescheiden aankoop van 19 flessen krijgen we een flesje likeur cadeau, een drank gemaakt van tannat. Volgens mij ook ideaal bij kaas. Gooi die pot confituur anders gewoon maar weg, wil je? Nergens voor nodig als je dit spul in huis hebt.

Om bezoekers en klanten het domein rond het château te laten ontdekken, werd door de eigenaar een korte wandelroute door de wijngaarden uitgestippeld die eindigt aan de voet van het majestueuze gebouw. Kinderen kunnen tijdens het wandelen even verpozen in een oude wijnton van 60 hectoliter die nu als attractie werd ingericht.

Slim bedacht om extra bezoekers aan te trekken aangezien er in Madiran voor de rest bitter weinig te doen valt.

We rijden verder naar het dorpje Madiran dat zijn naam gegeven heeft aan het wijngebied. We parkeren aan het kerkhof. Er is geen levende ziel te bekennen, wat redelijk normaal is nabij een kerkhof, maar ook het dorpje zelf is compleet verlaten.

Als we even later het Maison des vins binnen stappen, schrikt de jongedame achter de toonbank zich een hoedje. Waarschijnlijk komt hier maar een keer per maand iemand langs. Best jammer want hoewel er niet geproefd kan worden, wat meestal wel kan in dit soort Maisons des vins, is het binnen mooi ingericht en kun je er meer informatie vinden over de lokale wijnen en wijnproductie. We nemen een handige kaart mee met daarop alle wijnboeren die Madiran en Pacherenc du Vic-Bilh maken, 50 wijndomeinen om precies te zijn.

Voor de rest is er, zoals gezegd, niets te beleven in het dorpje. We besluiten dan maar te gaan lunchen.

We belanden in L’Estanquet aan de hoofdbaan van Madiran. Heel af en toe rijdt er een tractor voorbij, maar voor de rest is de straat leeg. Ook het terras is op drie tafels na leeg.

Nochtans kun je hier best lekker eten. Voor 14 euro krijgen we een koud soepje en een poke bowl met makreel of kippenspiesjes met quinoa. En om af te sluiten: verloren brood met vanille. De wijn, een droge Pacherenc du Vic-Bilh van Domaine Laffont, past niet echt bij het eten. Hij heeft 12 maanden op nieuwe eik gelegen en is daardoor te zwaar als begeleiding van onze menu du jour.

Het tweede domein, Domaine Damiens, ligt op een dikke vijf minuten rijden.

Op deze plek stond in het begin van de vorige eeuw een buurtsupermarkt. Decennia later werd het bedrijfje omgevormd tot een gemengde landbouw- en wijnbouwboerderij. De eerste wijnen van dit familiebedrijf werden begin jaren 70 gebotteld. Ondertussen is het bedrijf in handen van de jongste generatie.

Wanneer we het wijndomein oprijden, brandt de zon ongenadig. Het is bloedheet op de kiezel net voor de degustatieruimte. De deur is vast en er is niemand te zien.

Even later zien we iemand van aan de overkant van het plein onze richting uitkomen. Het blijkt de mater familias te zijn, de moeder van Pierre-Michel, de wijnboer.

Ze is zelf al enkele jaren met pensioen en het is duidelijk dat ze dit niet vaak doet, maar ze wint absoluut de sympathieprijs voor de manier waarop ze ons door het gamma leidt. Haar schoondochter Marie, die normaal de proeverijen verzorgt, is er niet. Ze is gaan lunchen met drie Nederlanders die wijn importeren en verdelen in Nederland. Het kan bijna niet anders dan dat het onze Nederlandse wijnproefvrienden van gisteren zijn.

Even later komt Marie de degustatieruimte binnen. Ze neemt met een natuurlijke schwung de proeverij over en schenkt ons de laatste wijnen in. Het aanbod is best groot bij Damiens.

Naast Madiran en Pacherenc du Vic-Bilh produceert Damiens ook IGP’s onder de naam Ostara, wat verwijst naar de Germaanse lentegodin die symbool staat voor de vruchtbaarheid.

Een IGP heeft minder strikte regels waar wijnboeren zich aan moeten houden dan AOC’s als Madiran en Pecherenc du Vic-Bilh. Ze mogen dus vrijer experimenteren met druivenrassen en productietechnieken.

Zo produceren ze bij Damiens een heerlijke rosé, gemaakt van cabernet franc. Het is een zalige aperitiefwijn die ook perfect gedronken kan worden bij sushi.

De rode Ostara bestaat uit 100% tannat, en is daarom pikzwart. Toch smaakt hij totaal anders dan de tannat-wijnen die we tot nu geproefd hebben. Dat komt omdat de druiven ontdaan worden van de tanninerijke steeltjes en de gekneusde druiven weken in het druivensap onder lage temperatuur. De aroma’s en de kleur worden op die manier van de schil onttrokken, maar niet de tannine.

We bunkeren deze lekkere zomerse rode wijn die best een beetje gekoeld gedronken wordt, en ook de rosé nemen we mee, net als de Madiran Saint-Jean en de Pecherenc du Vic-Bilh. En zo zitten er weer 21 flessen bij in de koffer. Alez, 22, want we krijgen nog een extra flesje rosé cadeau.

Voor het laatste domein van de dag, Château d’Aydie, moeten we slechts enkele kilometers verder rijden.

We laten de auto achter op een schaduwrijke plek op de grote binnenplaats met zicht op alleen maar wijngaarden. Opnieuw is er niemand te zien aan de degustatieruimte, dus bellen we even naar het telefoonnummer dat op een papiertje hangt.

Terwijl we wachten in de degustatieruimte kijken we al wat rond. De moderne wijnetiketten met grappige boerderijdieren vallen ons onmiddellijk op. Belinda wil al direct wijn kopen, puur omwille van de originele flessen.

Maar zo doen we dat natuurlijk niet. Er moet eerst geproefd worden en dat lijkt wel heel snel te gaan gebeuren want een breed glimlachende jongedame in jeans komt naar ons toe gewandeld.

Zoals steeds stellen we ons in ons beste schoolfrans voor aan de wijnvertelster van dienst.

Dat we een wijntrip maken, dat we van België zijn, maar wel het noordelijke stuk en dat ons Frans dus een beetje houterig is, omdat we het maar sporadisch gebruiken.

“Ow, dan doen we het toch gewoon in het Nederlands!” antwoordt de vrolijke wijnvertelster ons met een Nederlands accent.

Ze vertelt honderduit over de acht jaar dat ze in Curaçao geleefd heeft, en dan besloot om terug wat dichter bij vrienden en familie te komen wonen. Eerst dacht ze eraan om ergens in Bordeaux een nieuwe stek te zoeken, maar door corona kwam ze uiteindelijk hier op het platteland terecht met haar vriend.

Ze is hier nog niet lang, maar heeft zich in geen tijd de Franse taal meester gemaakt en is ondertussen verantwoordelijk voor de export voor Château d’Aydie.

Terwijl we de 10 (!) wijnen van het domein proeven, dompelt ze ons onder in de geschiedenis van het château.

De grootvader van de huidige wijnboer produceerde en verkocht destijds wijn in grote hoeveelheden. Hij zag echter het nut niet in om de wijn ook te bottelen. Hij was boer, geen wijnboer. Druiven waren voor hem net als graan.

Tot een bekende restaurantuitbater uit de buurt hem de flessen kwam brengen, met de etiketten erbij. Hij wilde lokale wijnen schenken in zijn zaak, maar die waren er op dat moment amper en wat er was, was niet zijn meug. De wijn die de boer produceerde, viel wel bij hem in de smaak. Om zijn vraag kracht bij te zetten, plaatste hij ineens een bestelling van 4000 flessen.

De boer begon daarna wijn te bottelen. Zijn boerderij werd een wijndomein, en als hommage aan de vele dieren die er vroeger rond liepen op zijn erf, kregen heel wat wijnen de naam van boerderijdieren.

Ongelofelijk grappig om vast te stellen dat een wijndomein dat er mogelijk nooit had gekomen zonder de halsstarrigheid van een lokale chef nu zo’n marketing achter de wijnen heeft zitten met etiketten en namen die je alleen al daarom zou willen kopen.

De wijnen zelf zijn gaan crescendo tijdens de proeverij. Met 31 flessen doen we hier onze grootste aankoop tot nu toe. En ja hoor, we nemen ook ‘Les 2 vaches rouges’ en ‘Le vilain petit canard’ mee naar huis.

Na een deugddoende siësta in onze chambre d’hôte is het tijd voor het avondeten. Omdat het eten naast het zwembad ons gisteren zo goed is bevallen, rijden we terug naar restaurant Minveille in Ségos.

Deze keer kiezen we het driegangenmenu.

Belinda gaat voor de zelf gerookte zalm die in mooie dikke sneden op haar bord liggen. Ik ga de Franse toer op met een geroosterd stuk baguette (de cirkel van de dag is hiermee rond) en een stevig stuk foie gras.

Opnieuw zijn de porties redelijk filling. We vragen de garçon daarom om even met het hoofdgerecht te wachten: een mooie en rijk gevulde pan paella die achteraf te ambitieus blijkt voor ons tweetjes.

Daarom kiezen we als dessert een grote portie verse aardbeien. Heerlijk fris.

Dat de oorlog in Oekraïne en de stijgende grondstofprijzen een avondje uit eten duurder hebben gemaakt, lijkt hier niet mee te spelen. Voor het copieuze driegangenmenu betalen we maar 31 euro per persoon.

Niet moeilijk dus dat het terras voor een tweede avond op rij afgeladen vol zit en zelfs binnen zijn er nog 9 grote tafels met levensgenieters die zich te goed doen aan de kwalitatieve menuformules.

Er mag hier dan wel geen fluit te beleven zijn in de Madiran, lekker eten en drinken kunnen ze hier als geen ander.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: