MSC’s Got Talent

Vandaag zitten we een volledige dag op zee. Ideaal om onze zeebenen te trainen, maar vooral een uitgelezen moment om eindelijk eens uit te slapen. En dat doen we dan ook. Zonder wekker, zonder planning en zonder schuldgevoel.

Wanneer we uiteindelijk richting ontbijt trekken en iets kleins willen eten in één van de buffetrestaurants, stoten we op een lange rij die doet vermoeden dat er ergens gratis champagne wordt uitgedeeld. Dan maar een verdieping hoger, waar ook een buffet is, alleen staat daar een MSC-jongedame iedereen vriendelijk maar kordaat terugstuurt naar het restaurant een verdieping lager. Waarom? Geen idee. Je zou denken dat ze op een zeedag — met meer dan 6.000 mensen aan boord — voorbereid zijn op het feit dat iedereen aan boord is, uitslaapt en dus later dan gebruikelijk gaat ontbijten.

We wijken dan maar uit naar het Raj Polo Tea House. Een plek die rust uitstraalt. Donker houten meubilair, zachte jazz op de achtergrond, de geur van versgebakken koekjes en een licht koloniaal sfeertje met verwijzingen naar theehandel en verre oorden. In de gangen vind je info over thee van over de hele wereld, alsof je onderweg bent in een museum waar je ook gewoon iets kan drinken. En vooral: bijna geen volk. En dat op ‘zeedag’.

Thee is niet mijn ding. Mijn enige echte theeperiode was ooit uit noodzaak, toen men dacht dat mijn allergie misschien iets met cafeïne te maken had. Dat experiment heeft exact zo lang geduurd als nodig was om vast te stellen dat cafeïne er niets mee te maken had, waarna ik onmiddellijk teruggeschakeld ben naar mijn vaste routine: eerst koffie (een espressootje of acht), dan water en daarna wijn. In die volgorde.

Maar goed, bij gebrek aan koffie bestel ik een groene thee met munt. De garçon voegt er galant verse honing aan toe en zet ook nog koekjes op tafel.

We laten in de gezinsapp weten waar we zitten en niet veel later komt Lars eens kijken, gevolgd door Finn. We bestellen een tweede ronde — lemongrass & ginger — en net op dat moment begint iemand live pianomuziek te spelen.

Mocht hier nu koffie zijn, dan zou dit zonder twijfel onze vaste ochtendplek worden. Wat een zalige plek.

Maar ik snap het hele theegedoe niet. Het smaakt me niet en het gevolg van twee kannen thee is dat ik de rest van de dag van toilet naar toilet loop.

De lunch doen we uiteindelijk met iedereen samen. Niet omdat het moet — alleen het diner hadden we vooraf als vast moment afgesproken — maar het gebeurt gewoon spontaan. En dat maakt het net zo fijn. Het soort maaltijd waarbij je vooral merkt hoe ontspannen het allemaal is, terwijl de zee rustig langs je voorbij glijdt.

Het eten is ook opnieuw meer dan in orde: een salade van jonge spinazie met geaderde kaas en noten, gevolgd door ossobuco en een dame blanche.

Met een koffie to go wandelen we daarna naar het einde van de promenade. Achter de boot klotst het water stevig en trekt de MSC World Europa witte sporen in de eindeloze blauwe vlakte.

Voor we naar de kamer gaan, passeren we nog langs de MSC-shop. De Romeinse prullaria van eerder deze week, maar dan in een cruisevariant: alles met MSC-logo.

Ik had al langer het idee om een polo te kopen — als je dan toch zoveel reclame maakt voor cruises, dan kan je er maar beter ook bijlopen alsof je er werkt. En alsof het zo moet zijn, is er ook een promotie vandaag, dus ik koop er gewoon twee.

Nu ben ik officieel deel van de MSC-familie. Al hoop ik tegelijk dat niemand mij straks de weg vraagt naar het zwembad.

Zoals beloofd aan onze Oostenrijkse ober gaan we deze namiddag kijken naar de Crew talent show. Zeven acts, allemaal medewerkers die tijdens de week een heel andere job hebben: van kamerpersoneel tot barman, van technieker tot entertainer. Niet iedereen is toonvast — laat me het diplomatisch verwoorden — maar onze Oostenrijkse garçon en de technieker van de belichting van het Panorama theater steken er duidelijk bovenuit. Het mooie zit vooral in het idee: even uit je rol stappen en iets anders van jezelf tonen. En tegelijk besef je als reiziger hoeveel mensen er nodig zijn om zo’n schip draaiende te houden. Want voor elke act wordt een filmpje van de medewerker in zijn dagdagelijkse doen getoond.

Belinda wil daarna de ginbar uitproberen, wat een goed idee lijkt tot de kaart verschijnt. Alle mogelijke gins, tonics en toppings staan erop, die je zelf moet combineren. Maar als je er niets van kent, zoals jullie nederige verslaggever, zie je door de bomen het bos niet meer. Ik kies daarom een van de weinige reeds voorbereide combi’s die puur op de beschrijving bij mij zou moeten passen, maar dat blijkt een foute keuze. Hij proeft medicinaal en halverwege geef ik het op. En zo belanden we opnieuw in de champagnebar, waar Belinda, Lars en Lune regenwormen spelen en ik verder schrijf aan dit verslag.

Voor het diner trekken we naar de show Cando, met een klein hartje na de vorige ervaring met deze cast. Deze keer is het beter: indrukwekkende kostuums en extra stemmen die het geheel naar een hoger niveau tillen. Vooral hun versie van Con te partirò blijft hangen. Daarna passeren we langs de Masters of the Sea voor een ‘schlageravond’. Mijn verwachtingen liggen — als kenner van het genre — iets hoger dan wat we krijgen. Enkele figuranten in lederhosen en dirndls, muziek die veel te stil staat en een sfeer die niet helemaal loskomt. De IPA is gelukkig wel in orde. En fijn ook dat ze me direct begrijpen wanneer ik vraag: can we get some more ‘knabbeltjes’?

We eindigen de avond met karaoke in het Panorama theater, een mooie mix van talent en minder talent. Ik probeer Rune nog te overtuigen om “Oh mijne blauwe geschelpte” in duo met mij te zingen. En als ze dat niet hebben, om dan “Una Paloma Blanca” aan te vragen en dan gewoon zelf de versie van De Strangers te zingen. De tekst kennen we immers vanbuiten. Maar na enkele sterke optredens van straffe stemmen die ons voorgaan, haakt hij af. Podiumvrees, denk ik.

Het publiek bestaat grotendeels uit Italianen die de nummers in hun moedertaal woord voor woord meezingen, terwijl wij ernaar kijken en in het begin nog proberen mee te doen.

Maar na een tijd begint de zondvloed aan woorden wel tegen te steken.

Gelukkig zijn er ook heel grappige studenten die, opgestookt door de andere studenten van hun groepje, liedjes brengen die redelijk wat schwung hebben, genre Shakira, maar er tijdens het zingen staan alsof ze op een uitvaart een grafrede aan het geven zijn, inclusief gedempte, monotone stem. Amen.

Andere zangers gaan dan weer volle bak en trekken de zaal mee.

Al bij al hebben we een zeer gezellige avond waarop we zelf ook goed hebben meegezongen, al was het van in onze zeteltjes met een drankje in de hand.

(donderdag 16 april 2026)

Plaats een reactie

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑